Menno van Enk, voormalig Rijswijks wethouder gaat ‘op’ voor tweede periode

Menno van Enk (62) steekt zijn wens niet onder stoelen of banken. Indien het CDA weer in het college van Rijswijk komt, wil hij huidig wethouder Johanna Besteman, die stopt met het wethouderschap, opvolgen. In de jaren negentig was Van Enk, momenteel lijsttrekker van de Rijswijkse Christendemocraten, eerder wethouder in Rijswijk en was hij medeverantwoordelijk voor het ondertunnelen van het treinspoor in Rijswijk. Nu wacht hem wellicht een andere ondertunneling te als beleidsbepaler.

 “Ik volgde in de jaren negentig als wethouder iemand op die toen politiek ten val was gekomen”, diept Van Enk op uit zijn geheugen. “Het was een hele heftige periode. We waren net aan het einde van de onderhandelingen voor de spoortunnel in Rijswijk. Onderhandelingen met het ministerie, de NS en Rijkswaterstaat. We hebben toen een investering gedaan om het spoor ondergronds te krijgen anders hadden we nu een dubbel spoor gehad en hadden we ook om de vijf minuten voor een spoorboom gestaan. We hebben toen besloten Hoornwijck te bebouwen met kantoren. Met het geld dat dat opleverde hebben we de investering voor de treintunnel gedaan. We hebben toen ook verschillende partijen meegekregen om te investeren. Het was een groot project waar je altijd de regio, maar ook de overheid voor nodig hebt. We hadden toen een ambtelijke organisatie waar een sterke directeur was. Ik werd toen enorm goed ondersteund.”

Bestuurder
“Ik zat als wethouder ook als dagelijks bestuurder in het Stadgewest Haaglanden. Daardoor kon de samenwerking goed verlopen. Niet alleen bij verkeer en vervoer, maar ook bij woningbouw. Er was toen een grote regionale opgave met de Vinex wijken. We hebben altijd profijt gehad van de samenwerkingen in de regio in een groter verband. Toen de lokale partijen hun intrede deden, is dat toch wel veranderd. Zodoende ging men meer het eigen plan trekken. Ik denk dat je de regio nodig hebt om bepaalde zaken voor elkaar te krijgen.  En zeker op het gebied van verkeer en vervoer. Met name de regio en de stad Den Haag.”

Verkeer
“Ik vind de autoverkeersstromen een enorm probleem. Dat is het al jaren en het wordt alleen maar erger. Er komen in Den Haag enorme aantallen woningen in de Binckhorst en Zuid West.  Niet alleen de Haagweg staat vast ondanks de aanwezigheid van de Rotterdamsebaan. Je hebt natuurlijk de Beatrixlaan, maar ook de Burgemeester Elsenlaan die bij iedere middagspits vast staat. Ik heb de overtuiging dat we met een nieuw Haagse college er samen uit zullen komen. Niet alleen de ondertunneling van de Beatrixlaan, maar ook de problematiek rond de Geestbrugweg. Twee jaar geleden kregen inwoners van Leeuwendaal en Cromvliet een brief in de bus dat er een tram over de Geestbrugweg zou gaan lopen. Onder de brief stonden Den Haag en Leidschendam-Voorbrug als ondertekenaars, niet Rijswijk. Vreemd toch? Ik wil dat Rijswijk straks mee op de bok zit. En ik ben ervan overtuigd dat we ook problemen krijgen met de nieuwe woningen die in het Havenkwartier komen.  We hebben met het huidige college al dertig miljoen opzij gezet voor de ondertunneling van de Prinses Beatrixlaan. Dat heeft Den Haag nog niet gedaan. De D66 wethouder daar komt met de opmerking dat er meer gefietst moet worden, maar met tienduizenden woningen komt er extra veel autoverkeer. Zonder infrastructuur wordt het onleefbaar.”

“Er moet een nieuwe cultuur komen. Er is in Rijswijk een traditie van lokale partijen. Ik was in de jaren negentig gewend om met collega’s van het CDA in andere gemeenten te overleggen. Een voorbeeld. Er waren door de verbreding van de A4 veel zorgen over geluidsoverlast en luchtvervuiling. Ik kreeg een petitie met 250 handtekeningen. Daarmee ben ik naar het CDA Den Haag en het CDA in de Provinciale Staten. Gezamenlijk zijn we toen naar de Tweede Kamer gegaan. Er werd toen een motie ingediend waarin de minister werd gevraagd te kijken naar de noodzaak van maatregelen.  Rijkswaterstaat vond het niet nodig dat er een maximum snelheid en geluidsschermen zouden komen. Door een toezegging van de minister komen die maatregelen er nu waarschijnlijk toch. Toen hebben we met partijgenoten van het CDA het verschil kunnen maken.”

Achterstallig
“Ik ben blij dat we met de raad ervoor hebben kunnen kiezen dat we geen nieuwbouw meer gaan doen in de sociale woningbouw. We hebben daar al veel van. De staat van onderhoud is zo slecht dat we in het belang van onze inwoners echt eerst voorrang moeten geven aan onderhoud en verduurzaming, voordat corporaties weer verder bouwen. De renovatie van het Rembrandtkwartier zie ik dan ook als een succes. Dat karakteristieke moet behouden blijven voor Rijswijk. Natuurlijk is slopen en nieuw bouwen goedkoper. Maar wanneer we oudere huizen duurzaam krijgen, maken we de inwoners van Rijswijk heel erg blij.”



Woningbouw
“Tussen de prijzen van de sociale- en vrije sector zit een enorm gat. Mensen in zorg, onderwijs of die bij de politie werken kunnen geen huis betalen. Ze komen niet in aanmerking voor de sociale sector en de vrije sector is veel te duur. Leraren stonden op het Malieveld te protesteren voor een hogere beloning, we stonden niet zo lang geleden te klappen voor de zorgmedewerkers, maar op het gebied van woningbouw doen we weinig voor ze. We zijn toch met de lage rente die er is, gaan kijken of we als gemeente niet zelf konden gaan bouwen. Het heeft nog even gedyuurd in verband met de Europese regelgeving., maar de eerste honderde woningen worden nu gebouwd. In de toekomst moeten daar nog honderden woningen voor de middensector bijkomen”, aldus de geboren Scheveninger, nu al 35 jaar woonachtig in Oud-Rijswijk.

“De huidige campagne van het CDA loopt goed. We zijn wandelingen aan het maken door de wijk. We spreken veel mensen. Het verlies van het CDA landelijk gezien, werkt meestal wel door, maar ik denk dat we de huidige drie zetels kunnen behouden, misschien zelf vier. Ik hoop dat mensen zien  wat wij in Rijswijk doen en de afgelopen jaren gedaan hebben.  We hebben een vrij stabiele achterban in Rijswijk. Het gaat bij ons om de inhoud. We hebben genoeg voor elkaar gekregen de laatste vier jaar.”

Bakkie pleur
Van Enk, interim manager van beroep, zit tijdens het gesprek ontspannen te praten in Café De Wits in de Herentraat. Ook hij zou graag zien dat er meer van dit soort gelegenheden in alle wijken zouden moeten komen. “’Een bakkie pleur’ doen in koffiehuizen zoals we die in Den Haag en ook in Voorburg kennen. Mensen lokaal ontmoeten. We hebben momenteel de bekend woonkamers en daar moeten we mee doorgaan. Op een laagdrempelige wijze krijg je  sociale cohesie. De gemeente moet dat dan wel faciliteren, maar het kan ook gewoon een particulier initiatief zijn.”

Ook het bewegen staat hoog in het vandaal bij het CDA. Van Enk vervolgt: ”Ook het ouderenbeleid moet meer in balans zijn. Buiten RijswijkBuiten hebben we nu eenmaal gemiddeld een oudere bevolking. Met het beleid moet je daar rekening mee houden. Bewegen is belangrijk voor ouderen. Ze moeten wandelingen kunnen maken maar er moeten ook extra bankjes worden geplaatst. Je moet ouderen verleiden om meer te bewegen.”  

Deel dit artikel op social media: