Den Haag koestert spoorviaduct Trekvliet voor de toekomst

Het spoorviaduct over de Trekvliet in Den Haag wordt een gemeentelijk monument. Het college van burgemeester en wethouders heeft dit besloten na onderzoek van de afdeling Monumentenzorg en Welstand van de gemeente. Het viaduct is in de 19e eeuw gebouwd op de grens van de Stationsbuurt, het Schipperskwartier, de Rivierenbuurt en de Binckhorst.

De cultuurhistorische kwaliteit van het viaduct in neorenaissancestijl is te vergelijken met die van het station Hollands Spoor en de 2e gemeentelijke gasfabriek, allebei rijksmonumenten. In combinatie met het water van de Trekvliet vormt het viaduct een fraai ensemble als toegang tot de Binckhorst. Vanuit cultuurhistorisch perspectief waardeert de afdeling Monumentenzorg en Welstand het spoorviaduct hoog en vindt dat het voldoet aan de gemeentelijke monumentenregels.

Ook Bureau Spoor¬bouwmeester onderschrijft de conclusies van de afdeling Monumentenzorg en Welstand van de gemeente. Bureau Spoorbouwmeester geeft onafhankelijk advies over het spoor.

Raadsvoorstel
In mei 2019 stemde de gemeenteraad unaniem in met een voorstel van raadslid Peter Bos van de Haagse Stadspartij om een monumentenstatus voor het spoorviaduct te onderzoeken. Het college ging hiermee aan de slag. Uit het onderzoek dat het college daarop uitvoerde blijkt dat er op korte termijn geen belemmeringen zijn voor allerlei verkeersplannen van spoorwegbeheerder ProRail en de gemeente in het gebied.

“Wat veel mensen niet weten is dat het viaduct onderdeel uitmaakt van een toekomstige belangrijke doorfietsroute tussen Den Haag en Pijnacker. Als fietser is het dan genieten om onderweg zo’n uniek bouwwerk tegen te komen”, stelt wethouder Robert van Asten van Cultuur.

“ProRail werkt graag mee om mooie monumenten een belangrijke rol te geven in de samenleving. Wel dient daarvoor te worden uitgezocht wat de impact hiervan op de mobiliteit van de toekomst is. Dat hebben we afgelopen tijd samen met de gemeente gedaan, waarna we gezamenlijk kunnen concluderen dat op korte termijn er geen impact is op het mobiliteitssysteem“, vertelt regiodirecteur Helga Cuijper van ProRail.

Deel dit artikel op social media: